Groenengolven jacht.

Britt: Dorien zul je lief zijn bij de moeder van Simon?
Dorien : Tuurlijk, de vorige keer was ik toch ook lief, anders mag ik nu toch niet weer blijven logeren.
Britt: Dat is waar.
Dorien  : Ga je nog wat leuks doen?
Britt  : Ik ga op Vera passen vanavond, Tony gaat met Alex uit.
Dorien  : Tony vindt hem heel leuk he?
Britt  : Ja, dat vind ze, ik ben blij voor haar.
Dorien  : Hij komt wel eens langs, hij is heel aardig.
Britt  : Dat vindt Tony ook.
Dorien  : Vind jij Johan ook aardig?
Britt  : Ja, hoezo vraag je dat?
Dorien  : Gewoon.
Britt  : Moeten ze zeker weer eens blijven eten?
Dorien  : Ja.
Britt : We kunnen ze woensdag uitnodigen, dan mag Johan we tegen etenstijd komen.
Dorien  : Ja leuk.
 
Sofie  : Nick, zullen we het vandaag aan het team bekent maken, Britt wild al een maand lang weten wat wij die maandag ochtend zijn wezen doen.
Nick  : Ik wil dan ben ik gelijk ook van Bruno’s gezeur af.
Sofie  : Als de baby er is, ik weet eigenlijk niet of ik dan nog wil werken.
Nick  : Hoe bedoel je?
Sofie  : Nou, ik ben eigenlijk vrij weinig thuis en wil gewoon regelmaat hebben als we een kind hebben.
Nick  : Je wild wat anders gaan doen dus?
Sofie  : Ja, eigenlij wel.
Nick  : Als je denkt dat, dat beter is, misschien moet je dat dan maar doen.
Sofie  : Ik weet het eigenlijk ook niet, ik wil ook niet bij de politie weg, maar ik wil zekerheid.
Nick : Misschien moet je eens met Vanbruane gaan praten.
Sofie : Ja, ik denk dat ik dat maar ga doen, maar eerst moet ik het bekend maken.
Nick : Je doet het maar wanneer je denkt dat jij het, het goede moment vind.
Sofie : Dat zal ik doen.
 
Nadine : Britt, kan je eens komen?
Britt : Ook goedemorgen commissaris.
Nadine : Sorry Britt, goedemorgen.
Britt : Het is u vergeven, maar ik hang even mijn jas op en dan kom ik.
Nadine : Oke.
Britt trekt haar jas uit en hangt hem over haar stoel en legt haar tas op haar bureau. Dan gaat ze naar het kantoor van Vanbruane toe.
Britt: Waar moest ik voor komen baas?
Nadine : Hoe gaat het nou zo tussen jou en Sofie?
Britt: Goed, waarom vraagt u dat?
Nadine : Toen jullie gister op patrouille waren is Tony hier geweest, zij heeft gevraagd of ze hier weer terug kan werken. Het is natuurlijk wel voor over 4 maanden, zo als afgesproken, maar jij werkt met Sofie.
Britt : Ik moet dus gaan kiezen?
Nadine : Ja, ik kan wel kiezen, maar het gaat er om met wie jij wild werken, in het begin toen Tony met zwangerschap verlof ging, dacht ik dat jij nooit met een andere partner zou kunnen werken, maar het ging goed met Pasmans en nu ook al heel erg goed met Sofie.
Britt : Ik denk Tony, maar wat gaat er dan met Sofie gebeuren?
Nadine : Dat moet in overleg met Sofie, maar dat zou ook met Tony gebeuren als je voor Sofie kiest.
Britt : Ik moet hier heel goed over nadenken baas.
Nadine : Dat begrijp ik, daarom heb ik het nu gezegd, Tony heeft het ook nog niet officieel gesolliciteerd.
Britt : Maar ik had het van tevoren gewoon kunnen weten, Tony zou terug komen en dat ik met dit probleem zou zitten.
Nadine : Wil je dat ik het Sofie vertel?
Britt : Ik zal het zelf wel doen.
Nadine : Oke, dan mag je gaan.
 
Britt loopt met haar hooft vol gedachtes naar haar bureau en gaat daar zitten, dan gaat haar telefoon maar Britt reageert er niet op.
Sofie : Zou je niet eens opnemen Britt?
Britt : Wat? (afwezig)
Sofie : Je wordt gebeld.
Britt : O ja.(afwezig)
Britt pakt de telefoon op.
Britt : Michiels. (afwezig)
Johan : Met Johan, gaat het wel met jou?
Britt : Hoi Johan, waar bel je voor. (opgevrolijkt)
Johan : Ik wilde je vragen of je vanavond bij mij kwam eten.
Britt : Dan neem ik wel Vera mee, ik moet oppassen. Tony gaat met Alex uit.
Johan : Dat is toch geen probleem.
Britt : Oke, dan zie ik je vanavond.
 
Nadine : Nick, Bruno, Raymond en Pasmans, voor jullie heb ik een zaak. Als jullie mee willen komen?
Pasmans schiet zijn stoel uit en loopt meteen naar zijn baas toe. Raymond doet het wat rustiger aan en is nog altijd verbaasd over de over eiver van zijn jonge collega. Nick en Bruno lopen er lachend achteraan. Ze kennen onderhand de trekken van Pasmans wel.
Nadine : Er rijd in Gent een Groene volkswagen golf rond. Met twee mannen. Ze rijden dan scooters klem zodat ze wel moeten stoppen. Ze praten de jongere dan zo in dat ze niet naar de politie mogen en dat hun dan gaan ze er met de auto en scooter vandoor. Een paar jongeren heeft dus wel aangifte gedaan, ze zijn allemaal met een pistool bedreigt.
Pasmans : Hebben ze een kenteken?
Nadine : Ze hebben alle drie een kenteken nummer gegeven, maar alle drie waren gestolen.
Raymond : Zijn ze in de buurt van elkaar gestolen?
Nadine : Nee, Gent en omstreken.
Nick : Moeten we nu alle Groenen golven aanhouden?
Nadine : Met mannen van tussen de 30 en 40 achter het stuur.
 
Sofie : Wat is er met jou, sinds dat je een uur gelden bij Vanbruane buiten bent gelopen ben je helemaal afwezig, zelfs Johans telefoontje heeft niet veel geholpen.
Britt : Sorry.
Sofie : Is er iets aan de hand?
Britt : Ja, maar ik moet dit eerst goed op een rijtje zetten.
Sofie : Wat is er dan?
Britt : Laat mij maar even, koffie?
Sofie : ja is goed.
Britt loopt weg om koffie te halen en Sofieloopt naar Vanbruane toe.
 
Sofie : Baas, wat is er net gebeurd? Britt is zo afwezig.
Nadine : Laat Britt maar even, ze moet iets moeilijks beslissen en je hoort het nog wel, laat haar maar even met haar gedachtes.
Sofie : Oke, een zaak krijgen wij dus niet?
Nadine : Nee, Je hebt toch nog wel PV’s genoeg om je mee te vermaken?
Sofie : Ja, en anders die van Britt, die geraakt ook niet echt verder met het werk.
Nadine : Dat is mijn schuld.
Sofie : U wordt bedankt.
Sofie loopt dan weer naar haar bureau en Britt komt er dan ook aanlopen.
Britt : Hebben we een zaak?
Sofie : Nee, helaas niet, we mogen de hele dag binnen zitten.
Britt : Gezellig.
Sofie : Kan er niets aan doen, sorry.
Britt : Ik denk dat het te maken heeft gevraagd en me tijd wild geven.
Sofie : Was de vraag zo moeilijk of zo?
Britt : Ja, nogal.
Sofie : Je moet hier toch niet weg?
Britt : Nee dat niet, maar, maar.
Sofie : Maar wat?
Britt : Ik moet kiezen.
Sofie : Waartussen?
Britt : Jou of Tony.
Sofie : Dat is heel moeilijk.
Britt : Ja, heel moeilijk, Tony, ik kan niet beschrijven, maar dat werkt zo bijzonder, en met jou heb ik ook een hele goede band.
 
Nick : Daar een groene volkswagen golf, maar tegen houden?
Bruno : Laten we maar doen he.
Nick en Bruno Rijden nu naar de auto toe en dwingen hem tot stilstand.
Hans : Wat is er aan de hand?
Nick : Standaard controle, zou ik uw papieren mogen zien?
Hans : Ja, hier alstublieft.
Nick : Hans Bommels, we moeten dit even allemaal controleren.
Hans : Het moet dan maar he.
Bruno : wij danken u voor het begrip.
 
Sofie : Kies Tony maar.
Britt : Wat?
Sofie : Om samen mee te werken.
Britt : Je hoeft je niet op te offeren hoor.
Sofie : Ik zit te denken aan stoppen.
Britt : Hoezo?
Sofie : Gister had Bruno het toch over mijn snoepbuikje.
Britt : Ja, maar je gaat toch niet om de grappen van Bruno weg?
Sofie : Niet om de grappen van Bruno, maar dat snoepbuikje word dikker en niet van het snoeppen.
Britt : Wil je, wil je zeggen dat je zwanger bent?
Sofie : Ja, al twee maanden, dat was het geheimzinnige van een maand geleden.
Britt : Maar dat is geweldig voor je Sofie, gefeliciteerd.
Sofie : Jij bent de eerste van het corps die het weet.
Britt : Ik hoop dat Nick het ook weet.
Sofie : Ja natuurlijk.
Britt : Je hebt me uit een probleem geholpen Sofie.
Sofie : Jij mij ook, ik zat nog te dubben, maar nu ik weet dat jij met Tony weer terug gaat werken is het voor mij zeker.
Britt : Moet je het aan Nadine vertellen, denk dat ze het wel fijn vindt om te weten, die vond het ook moeilijk om me dit voor te leggen.
Sofie : Ja dat is goed, misschien krijgen we dan ook wel een zaak.
Britt : Laten we het hopen, dan heb ik weer iets om mijn tanden in te zetten.
Sofie : Je hebt er nu weer zin in he.
Britt : Tuurlijk.
 
Pasmans : Raymond, daar een groene volkswagen golf.
Raymond : We houden hem aan.
Dus zo wordt de auto tot stilstand gehouden.
Hans : U wild zeker ook alles controleren?
Pasmans : Ja, dat willen wij graag.
Hans : Die twee motard wilde dat ook al.
Raymond : Dat is een actie om zoveel mogelijk auto’s tecontroleren, dat is om zo snel mogelijk achter gestolen auto’s te komen en dat soort dingen.
Hans : Dat is een goede zaak.
Raymond : Ik ben blij dat u goed van begrip bent.
Hans : Het is voor onze eigen veiligheid.
 
Britt : Baas, ik heb een beslissing genomen.
Nadine : Zosnel?
Britt : Ja, maar ik denk dat u beter eerst met Sofie kan gaan praten.
Nadine : Je hebt Tony gekozen?
Britt : Praat u nou maar met Sofie.
 
Nadine  : Sofie, Britt zij dat ik beter eerst met jou kon praten, weet jij waarom?
Sofie  : Ja, ik weet waarom, u heeft Britt laten kiezen tussen mij en Tony, en ik heb haar aangeraden om voor Tony te kiezen.
Nadine  : Dat is heel erg aardig van jou, maar klikt het dan niet tussen jullie?
Sofie  : Ik ben twee maanden zwanger, en ik weet niet of ik wel verder wil als ik een kind heb met die onregelmatige werktijden.
Nadine  : Gefeliciteerd, Sofie.
Sofie  : Bedankt, ik weet het al anderhalve maand, daarom moesten Nick en ik een maand geleden ook weg.
Nadine  : Ik begrijp het, Maar je weet dat je nog maar een maand de straat op mag en daarna binnen moet blijven.
Sofie  : Dat meent u niet, ik wil niet achter een bureau.
Nadine  : Zo zijn de regels Sofie, een vrouw die meer dan drie maanden zwanger is mag de straat niet meer op. Je weet dat het voor je eigen veiligheid is.
Sofie  : Weet ik, voor Britt zal het ook niet fijn zijn, zij moet dan drie maanden zonder af een andere partner voor Tony’s terugkeer.
 
Cara : Britt, heb jij wat te doen?
Britt: Nee, waarom?
Carla: In het zwembad is een man betrapt die in de kleedhokjes met zijn GSM foto’s aan het maken was van een vrouw terwijl zij zich verklede.
Britt : Met een GSM?
Carla : Ja, Zo’n nieuw ding, daar kan je foto’s mee maken.
Britt : Ik zal hem wel gaan ophalen.
Carla : Oke.
Britt staat op en klopt bij Vanbruane aan de deur.
Britt : We moeten iemand bij het zwembad ophalen die foto’s maakt van vrouwen die zich aan het verkleden zijn, met zijn GSM.
Sofie : Nieuwe rage?
Britt : Geen idee, maar ga je mee?
Sofie : Kan ik gaan baas?
Nadine : Ja ga maar.
 
Britt : Hoe reageerde ze?
Sofie : Ze was blij voor je, maar nu komt er weer een ander probleem de kop op.
Britt : Welk?
Sofie : Dat ik over een maand de straat niet meer op mag, ik ben dan al meer dan 3 maanden zwanger.
Britt : Ik moet dan tijdelijk een nieuwe partner en daar is ze natuurlijk niet zo blij mee.
Sofie  : Niet dat jij een nieuwe moet, maar dat die tijdelijk is.
Britt : Ja ik weet dat ik me een jaar geleden ook al zo misdragen had.
Sofie : Vraag aan Raymond of je Pasmans weer mag lenen.
Britt : Is een optie, maar ik zie wel hoe het loopt en anders voor drie maanden achter een bureau.
Sofie : Gezellig, kom je bij mij zitten.
Britt : Gelukkig zit er dan wel een zomer vakantie tussen.
Sofie : En mij trouwerij.
Britt : Heb je er al met je trouwjurk rekening mee gehouden?
Sofie : Nee, maar ik ben er nog steeds niet uit welke ik wil.
Britt : Dan mag je wel eens opschieten, maar vertel wel dat je zwanger bent, en je jurk moet dus op het laatste goed versteld worden.
Sofie : Ben lekker handig bezig he.
Britt : Nee, is niet erg, het gebeurt wel vaker, maar een kind komt wanneer het komt en niet wanneer je wild.
Sofie : Daar heb je gelijk in.
 
Britt : Britt Michiels, Sofie Beeckman, politie Gent.
Badmeester : A daar bent u, we hebben hem hier zitten, de foto’s staan nog op zijn GSM.
Sofie : En het slachtoffer?
Badmeester : Die is aan het zwemmen, daarvoor kwam ze tenslotte.
Britt : Blijf jij even bij hem, dan ga ik met het slachtoffer praten.
Sofie : Dat is goed, zal ik hem alvast in de boeien slaan?
Britt : Mag je zelf beslissen.
 
Britt : Mevrouw, zou u zo naar het commissariaat willen komen, u moet namelijk aangifte doen.
Linda : Natuurlijk, dat zal ik doen, de Belfrodstraat toch?
Britt : ja, zou u om 4 uur kunnen komen?
Linda : Ja dat moet wel lukken.
Britt : Tot 4 uur, vraag maar naar Britt Michiels.
 
Britt : Jordy Kopers, Weet je wat portretrecht is?
Jordy : Nee.
Britt : Portretrecht is dat je iemand alleen met zijn of haar toestemming op een foto of een schilderij mag zetten, en deze vrouw wilde dat niet, echt u heeft haar niet eens gevraagd of gewaarschuwd.
Jordy : Die foto’s zijn voor eigen gebruik.
Sofie : Dan mag het als nog niet Jordy, moeilijk hè zo’n regeltje.
Jordy : Ik zal het nooit meer doen.
Sofie : Dat is je aangeraden, want de vrouw doet aangifte tegen jou.
Jordy : Kom ik voor zoiets onbenulligs voor de rechter?
Britt : Ja, de vrouw was er totaal niet van gediend, en ze heeft daar dus groot gelijk in dat ze dat doet.
Jordy : Het spijt me echt heel erg.
Sofie : Heel spijtig, dat mag je aan de rechter vertellen, misschien is hij dan wat milder voor je.
Jordy : Echt?
Britt : Licht aan de rechter.
 
Britt : Wanneer ga je het openbaar maken?
Sofie : Eerst mag Nick het nog aan Bruno vertellen en dan malen we het openbaar.
Britt : Oke, ik ben klaar met mijn verslag, zullen we vragen of we wat anders kunnen doen, ik heb geen zin om binnen te blijven.
Sofie : Goed idee.
 
Britt : Heeft u nog een zaak, wij moeten pas om 4 uur een verhoor afnemen.
Nadine : Jullie weten van die groene Volkswagen Golf?
Britt : Die scooters klem rijd?
Nadine : Precies.
Britt : Alle groenen Volkswagens Golf aanhouden en controleren?
Nadine : Ja, dat is de bedoeling.
Sofie : Oke, we gaan.
Nadine : Jullie mogen eerst pauze gehouden.
Britt : Dat slaan we zeker niet over.
Nadine : Zou niet goed zijn als jullie het over sloegen.
Lachend lopen Britt en Sofie het kantoor uit en gaan naar de wachtruimte om daar te eten. Na het eten gaan ze aan het werk. Wanneer ze even rijden komen ze een groene Volkswagen Golf tegen.
 
Britt: Britt Michiels Politie Gent.
Hans: Nee, niet weer he, jullie zijn de 4e van vandaag, zit ik soms in een verborgen kamera programma.
Sofie : Voor zover ik weet niet, maar het is een actie.
Hans : Ja dat weet ik ondertussen ook wel, trek me maar na, dan kan ik weer verder.
Britt : U weet al wat we nodig hebben?
Hans : Alstublieft.
 
Sofie : Dat gaat al lekker, als iedereen al aangehouden is wie we krijgen.
Britt : Ik hoop het niet, maar als je voor de 4e keer tot stilstand wordt gedwongen is het niet leuk meer.
Sofie : begrijpelijk.
Britt: We zien het vanzelf wel.
Sofie : Ja, kijk daar hebben we er weer eentje.
 
Nick : Ik geloof dat die auto niet overdag rijd.
Bruno : Laten we eens naar het commissariaat gaan, kijken wanneer het eigenlijk is gebeurd.
Nick : Daar stem ik mee in, en gelijk een hapje eten.
Bruno : Een heel goed idee, dat eten Nick.
 
Nadine : Heren, hebben jullie al succes gehad?
Nick : Nee, helemaal geen enkel succes.
Bruno : wij zouden graag eens willen weten om welk uur die gasten eigenlijk werken.
Nadine  : De vroegste is om 10 uur in de ochtend gebeurd en de laatste om 11 uur in de avond.
Nick : we hebben daar dus niets aan.
Nadine : Dat jullie niet in de nacht hoeven te werken.
Bruno : Ja dat scheelt, maar ze werken zo breed, en ik geloof dat ik nu meer dan ooit zoveel groene volkswagens Golf heb gezien als vandaag.
Nadine : Sorry, kan er niets aan doen, het moet stoppen.
Bruno : Ja dat moet het zeker.
 
Na een middag door Gent rijden en Groene volkswagens aanhouden zijn Britt en Sofie blij dat ze naar het commissariaat toe kunnen, de meeste mensen waren toch niet zo vriendelijk en zeker niet als ze al eens eerder waren aangehouden.
 
Britt: Zou u willen vertellen hoe het is gebeurd?
Linda : Ik was mij aan het verkleden. Ik bukte me en zag ineens dat mobieltje onder de want van het hokje gehouden worden, dus ik ben dan naar de badmeester gelopen en heb het gemeld, zij hebben de man dan aangesproken en apart gehouden, tot dat u kwam.
Britt : Ik zal uw verklaring in typen, dat is zo gebeurd.
Linda : Heeft hij bekend?
Sofie : Ja dat heeft hij, het is dus snel afgehandeld.
Linda : Ik maak me er op zich niet druk om, maar ik vind het gewoon niet normaal dat iemand dat zomaar doet.
Sofie : Dat is ook niet normaal, we begrijpen dat ook heel goed.
 
Nadine : Britt, zie jij Tony nog?
Britt : Ja, ik pas vanavond op Vera.
Nadine : Als je wild, mag jij het haar wel vertellen.
Britt : Ja ik wil dat wel doen, maar moet u dat niet doen?
Nadine : Nee, jij mag dat haar ook vertellen.
Britt : Oke, dan vertel ik het haar dadelijk wel.
 
Britt : Tony, over hoelang wil jij aan het werk?
Tony : Over 4 maanden, hoezo?
Britt : Sofie, mag over een maand de straat niet meer op, ze is zwanger en denkt daarom aan stoppen, ik zou eigenlijk liever gelijk met jou samen.
Tony : Echt?
Britt : Ja, echt waar.
Tony : Ik zal morgen gelijk met het kinderdag verblijf bellen waar ik Vera heb ingeschreven, misschien kan ze eerder komen.
Britt : Morgen is het zaterdag.
Tony : Het is een 24 uurs opvang, dus als ik in het weekend moet werken of een nacht moet draaien kan dat, anders moet ik steeds oppas zoeken.
Britt : Makkelijk, maar je moet ook nog met Vanbruane overleggen als het kan, want zij gaat er natuurlijk vanuit dat je over 4 maanden pas begint.
Tony : Ik zal het wel doen, ik wil je niet nog een partner laten aansmeren.
Britt : Wil je niet eerder Vanbruane kopzorgen ontnemen?
Tony : Ja zo kan je het ook zien, maar andere door u laten demotiveren is ook wel een reden.
Britt : Moet u zeggen, ik heb later gehoord dat ze me 2 weken hadden gegeven.
Tony : Nou, het is dus 3 jaar geworden, en er komen weer jaren bij.
Britt : Zeker weten.
Tony : Gelukkig wel.
Britt : Maar, ik zou eigenlijk naar huis willen, Ik ga naar Johan vanavond.
Tony : Kan je Vera niet alleen aan? (lachend)
Britt : Ja, maar Vera is niet zo’n plezant gezelschap als ze slaapt.
Tony : Is hij nou al blijven slapen?
Britt : Nee, maar wat nog niet is kan komen, de kinderen zijn er niet dus het is veilig.
Tony : Ik hoor het morgen wel.
Britt : Is goed hoor.
 
Maaike zit op de bank een boek te lezen, ze is moe ze heeft de gehele dag stage gelopen in een winkel. Dan gaat de deur open ze hoort het haar vader die thuis komt. Hij is aan het schelden dat het een puinhoop in huis is en dat zij zit te niksen. Boos zegt ze dat ze ook de hele dag heeft gewerkt en dat ze net thuis zit te ontspannen. Haar vader loopt boos door naar de schuur om een biertje te pakken en in de keuken begint hij tegen zijn vrouw te schelden. Maaike vliegt naar boven, ze heeft hier geen zin in, ze blijft voortaan wel in haar kamer. Het is nooit goed met haar vader hij dringt nogal veel, dagelijks als hij thuis komt heeft hij al wat op en in het weekend is het ook bijna altijd feest dan dringt hij ook veel. Haar moeder doet niet veel aan het huishouden, maar zelf heeft ze geen zin om alles te doen, zelf heeft ze nooit echt veel vriendinnen gehad en al helemaal niet mee naar huis genomen. Dat was gewoon uit schaamte omdat het vies is thuis.
 
Ben : Hoi Mereltje, fijn dat je er bent.
Merel : Ik ben wel blij dat je het leuk vindt dat ik kom als je me uitnodigt om te komen eten.
Ben : Ik ben altijd blij je te zien, weet je toch.
Nadine : Hoi Merel, blijven jullie buiten staan, het is nog geen zomer dat je de deur open kan laten staan.
Merel : Ik kom wel binnen, als die dikke hier aan de kant gaat.
 
Merel : Ben, je moet Selattin maar eens kookles geven.
Ben : Hoezo?
Merel : Ben je echt zo’n blind paard?
Nadine : Al twee maanden toch?
Merel : Langer.
Ben : Hebben jullie dan wat?
Merel : Al drie maanden hebben we wat, maar we wilden het kalm aan doen.
Ben : Dat is geweldig, hebben mijn pogingen toch nog succes gehad.
Nadine : Welke pogingen?
Merel : Twee jaar gelden was de relatie tussen mij en Selattin stuk gelopen, alleen Ben kon dat niet begrijpen, net zo als hij het niet goed vond dat we wat kregen.
Nadine : Werd er zo goed op je gelet?
Merel : Ben heeft het goed gedaan in die jaren dat hij voor mij heeft gezorgd.
 
Sofie : Jee wat ben jij laat Nick.
Nick : We hebben achter een volkswagen aan gezeten.
Sofie : Ik ook.
Nick : Hij wilde niet stoppen, uiteindelijk hebben we hem tot stilstand gekregen, bleek dat ding vol te liggen met gestolen spullen.
Sofie : En toen moest je dat nog allemaal afhandelen.
Nick : Ja, sorry dat ik je heb laten wachten.
Sofie : Ik weet hoe het zit in je werk, ben ook flik.
Nick : Mijn lieveling flik ben jij.
Sofie : Maar voor hoelang ik nog flik blijf weet ik niet.
Nick : Je wild echt stoppen.
Sofie : Ja, Tony komt terug in het team, Britt moest kiezen tussen ons, ik heb haar daarom verteld dat ik zwanger was, Vanbruane weet het nu ook.
Nick : Het zal wel moeilijk worden om nu nog wat anders te vinden.
Sofie : Dat weet ik, maar ik wil gewoon regelmaat hebben.
Nick : Ik begrijp het.
 
Britt : Goede morgen, lekker geslapen?
Johan : Ja, jij ook?
Britt : Ja, ik ga even een ontbijtje maken, wil jij ook?
Johan : Ja graag, moet ik Vera wakker maken?
Britt : Nee, die word dadelijk zelf wel wakker.
Johan : Oke.
 
Maaike : Mam, ik weet niet hoe laat ik terug ben vanavond want ik moet ook helpen met het opruimen en het terug brengen van de toestellen.
Moeder : Dat is goed.
Maaike springt op haar fiets en rijd naar de andere kant van Gent naar de sporthal waar de jaarlijkse uitvoering van de gymnastiekvereniging was. Maaike was 18 en turnde in de damesgroep met allemaal meiden van haar leeftijd, ze zouden dit jaar voor de kleuters een springnummers als kabouters doen. Maaike had daar wel zin in want ze hield er van om lekker bezig te zijn, het jammer vond ze wel dat ze niet bij haar kleuters kon helpen, maar die waren voor haar aan de beurt en dan zouden ze zichzelf verraden. Maaike hielp al jaren bij de kleuters en bij twee andere groepen die wat ouder zijn. Daardoor mocht ze de hele dag blijven en ook mee eten de dag zou tot halfelf ’s avonds duren. Het was nu nog maar 8 uur in de ochtend dus heeft ze nog een hele dacht tegoed.
 
Nadine : Sofie en Nick, daar zijn jullie eindelijk, hebben jullie Britt toevallig nog gezien?
Sofie : Nee, die zou toch wat later komen omdat ze op Vera moest passen.
Nadine : O ja, dat is waar, maar waarom zijn jullie later?
Nick : Verslapen.
Nadine : het is al goed. Nick, jij gaat met Bruno nog een dagje groene volkswagen Golf zoeken. Sofie, kan jij even bij mij komen?
Sofie : Ja dat kan.
 
Nadine : Gister, vertelde je dat je niet zeker was om verder te gaan met het werken bij de politie, mag ik weten wat de precieze reden daar voor is?
Sofie : Ik wil gewoon regelmaat hebben als ik een kind heb en ik wil niet ineens worden opgebeld worden om te moeten werken.
Nadine : Gister was Merel bij ons, zij vertelde dat er een plaatsje op DIT vrij komt, misschien zou jij het leuk vinden om bij DIT te gaan werken?
Sofie : Eigenlijk nooit over gedacht, maar het lijkt me wel leuk, en een stuk zekerder dan nu.
Nadine : Daarom dacht ik ook aan jou.
Sofie : Maar zouden ze me wel aannemen als ze weten dat ik zwanger ben?
Nadine : Ja, je kan daar gewoon terecht, het is niet zo’n grote ramp als jij met zwangerschapsverlof gaat.
Sofie : Ik wil het er wel eerst vanavond met Nick over hebben.
Nadine : Begrijp ik, het is niet verplicht hoor, maar we zijn je liever niet kwijt, en je kan nu veel makkelijker weer terug naar ons al zou je dat willen.
Sofie : Ze zullen van het team alleen wat minder blij zijn om me te zien.
Nadine : Ik denk dat het eigenlijk niet zo zal zijn, het is voor de mensen eigenlijk wel fijner een bekende die ze vertrouwen dan iemand die je alleen van de negatieve kant ziet.
Sofie : Ja dat is zo.
Nadine : Merel word anders ook nog steeds goed opgenomen in het team.
Sofie  : Ja die heeft hier natuurlijk ook gezeten.
 
Sofie : Goede morgen Britt.
Britt : Goede morgen Sofie, gaan we vandaag weer rondje rijden opzoek naar een groene volkswagen Golf?
Sofie : Ja, maar jij hebt meer zin als ik, ik geloof dat je Dorien vaker uit logeren moet sturen en op Vera moet passen.
Britt : Ik heb vooral goed geslapen.
Sofie : Hoe dat ineens?
Britt : In een paar stevige armen.
Sofie : Is Johan blijven slapen?
Britt : Nee, ik bij hem alleen blijven slapen, er is voor de rest niets gebeurd hoor.
Sofie : Dat hoeft toch niet.
Britt : Precies.
 
Nadine : Britt, nog een beetje kunnen slapen met Vera?
Britt : Vera is de moeilijkste niet.
Nadine : Gelukkig, want jullie mogen weer op pad.
Britt : Dat had ik al van Sofie begrepen.
Nadine : Dan mogen jullie er vandoor.
Britt : Heeft het gister echt niets uitgehaald?
Nadine : Nee, helemaal niets.
Sofie : Ik vind het raar, ze zijn ookniet meer toe geslagen.
Nadine : Ze hebben een dag vrijaf genomen zeker.
Britt : Ik zou eigenlijk liever kijken of er niet ergens die scooters worden verkocht.
Nadine : Ze zullen ze wel verkopen, maar zeker niet hier in Gent of omgeving.
Britt : Zo stom zullen ze natuurlijk niet zijn.
Sofie : Zijn de collega’s in de rest van het land al op de hoogte?
Nadien : Ja, ook in Nederland, en in Frankrijk.
Britt : Wat gaan die doe, alle frame nummer nakijken?
Nadine : Ja als ze hem verdacht vinden.
Britt : Dat zal niet uit maken, het is zo’n kleine kans dat ze tegen de lamp lopen.
Nadine : Ik weet het, maar ik zal ook niet weten hoe we het anders moeten doen.
Sofie : Ik zal het zelf ook niet weten.
Britt : Laten we maar gaan.
 
Nick : Ik moet je wat vertellen Bruno.
Bruno : Vertel dan maar.
Nick : Bruno, ik word vader.
Bruno : Is Sofie zwanger?
Nick : Ja, hoe moet ik anders vader worden.
Bruno : Geweldig voor je, hoe lang is ze al zwanger?
Nick : Twee maanden.
Bruno : Dan vertel je het nu pas?
Nick : Was wel leuk, jullie die zo nieuwsgierig waren waar wij een maand geleden heen moesten.
Bruno : Als we niet zo nieuwsgierig waren, had je het dan eerder verteld?
Nick : Dat was aan Sofie, zij wilde nog even wachten, maar nu moest ze wel, over een maand mag ze de straat niet meer op dus moet iemand anders met Britt werken tot na haar zwangerschapverlof.
Bruno : Daar zal Britt blij mee zijn.
Nick : Ja, dat is Britt haar probleem.
 
Raymond : Mevrouw, zou ik uw papieren mogen zien?
Vrouw : Die ben ik vergeten, agent.
Raymond : Wat is uw naam?
Vrouw : Dianta Verstraten.
Raymond : Mevrouw Verstraten, u behoord uw papieren bij u te hebben.
Vrouw : Het spijt me heel erg, maar ik heb mijn tas thuis laten staan.
Raymond : Zou ik uw adres mogen?
Vrouw : Kokkinstraat 14.
Raymond : Heeft u nog even?
Vrouw : Ja.
 
Raymond loopt naar de combi en vraagt bij transmissie de gegevens van de vrouw op, maar de leeftijd die Raymond schat en volgens de computer klopt totaal niet, ook het kenteken hoort niet bij de auto waar de vrouw in rijd, daarom besluiten Raymond en Pasmans de vrouw maar mee te nemen naar het commissariaat en de auto te laten wegslepen.
 
Sofie : Wat is daar aan de hand, bij de sporthal?
Britt : De gymnastiek vereniging heeft een uitvoering, je weet het wel, er zijn te weinig parkeerplaatsen.
Sofie : Daar denken zij een slaatje uit te slaan.
Britt : Staan ze nou boetes uit te schrijven?
Sofie : Ja, kinderachtig zeg.
Britt : Ik ga daar wat van zeggen, ze zijn zeker net van de politie school.
Sofie : Ja, en die begrijpen niet het verschil tussen foutparkeren en foutparkeren wanneer er geen andere mogelijkheid is, niemand heeft er toch last van?
Britt : Daarom, en ik geloof niet dat Vanbruane daar opdracht toe heeft gegeven, als ze nou de veiligheid zouden belemmeren is er nog wat van te zeggen.
 
Britt : Heren, waar zijn jullie mee bezig?
Leks : Bonnen schrijven mevrouw, wat wild u van ons?
Britt : Dat u daar mee stopt, u ziet toch ook wel dat er geen andere mogelijkheid is om te parkeren, en het staat niet belemmerend.
Leks : Het hoort niet en ik sta dus in mijn recht.
Britt : Heeft u opdracht gekregen van Commissaris Vanbruane?
Leks : Nee, maar daar hoeven we geen opdracht voor te hebben om bonnen te schrijven.
Britt : Nee, maar de commissaris heeft liever dat jullie achter die groene Volkswagen Golf gaan.
Bas : Hoe weet u daar van?
Britt : Ik ben Hoofdinspecteur Michiels, dus het lijkt mij wel duidelijk waarom ik het weet.
Bas : We zullen wel weer gaan rijden.
Britt : Ja, lijkt me een goed idee.
 
Sofie : Je hebt er een goede invloed op.
Britt : Ja, laten we het netjes houden, van mij hoeft dat niet, als doen ze een hinderlijk geparkeerde auto, maar dit is echt onzin.
Sofie : Ze moeten nog een hoop leren.
Britt : Een hele hoop, ze kende mij niet eens.
Sofie : Dan is het zeker slecht.
Britt : Maar ik kom toch zeer betrouwbaar over, ze hebben me niet eens om mijn papieren gevraagd.
Sofie : Ai, wat een stel, moet je daar eigenlijk melding van doen bij Vanbruane?
Britt : Lijkt me wel, ze geloven alles ik had net zo goed een bezoeker kunnen zijn en zelf aangehouden en zo weten van die groene golf.
Sofie : Ja, maar ik vind het toch een beetje klikken.
Britt : Het is om hun er wat van te laten leren, en je krijgt hier zeker een hoop mensen die in beroep willen gaan tegen hun bekeuring.
Sofie : Ja dat is waar.
 
Vrouw : Waarom zit ik hier?
Pasmans : Wij vragen ons af waarom u ons verkeerde gegevens geeft.
Vrouw : Daar heb ik mijn redenen voor.
Raymond : Dat u met valse nummerplaten rijd misschien?
Vrouw : Daar ben ik vandaag pas achter gekomen.
Raymond : Waarom gaf u het verkeerde adres?
Vrouw : Ik heb daar een rede voor.
Raymond : Ja, maar ik wil die rede graag weten.
Vrouw : Die vertel ik u niet.
Raymond : Zo als u wild, u mag even op cel, misschien wordt u daar wat spraakzamer van.
 
Raymond : Hoi Tony, Britt is er niet.
Tony : Ik kom ook voor Vanbruane.
Raymond : Je weet de weg.
Tony : Ja, die is hier niet veranderd.
Pasmans : Hoe is het met Vera?
Tony  : Goed, die groeit al behoorlijk.
Pasmans : Kijk maar uit, wanneer ze gaat lopen.
Tony : Ik heb al veiligheidsmaatregelen voorop mijn bood genomen.
Raymond : Dat is slim, want het gaat ineens heel erg hard.
 
Tony : Commissaris, kan ik met u spreken?
Nadine : Ja, ga maar zitten Tony.
Tony : Britt vertelde me gister dat ze voor mij had gekozen.
Nadine : Dat klopt.
Tony : Britt heeft me ook over Sofie verteld, Ik ben vandaag met het kinderdag verblijf gaan praten, Vera zal over een maand al terechtkunnen, dan kan ik dus werken en hoeft u geen tijdelijke partner voor Britt te zoeken.
Nadine : Britt is zeker met dat idee gekomen?
Tony : Gedeeltelijk, ze vroeg of ik niet over een maand kon beginnen. En ik heb dus voor Vera een oplossing gevonden.
Nadine : Je weet niet hoe blij je me hier mee maakt.
Tony : Er zijn weinig mensen over die met Britt willen werken.
Nadine : Gelukkig is er een die er maar wat graag mee samen werkt.
Tony : Britt heeft dan toch gelijk gehad, ik doe dit werk gewoon veelte graag, en ben ook niet zo goed te koppelen met een partner.
Nadine : Daar heb ik geen ervaringen in.
Tony : Britt was mijn 6e partner en laatste kans.
Nadine : Wat een record, Maar ik zal alles voor je regelen, dan krijg je vanzelf wel bericht.
Tony : Oke, en u kan altijd bellen of wat aan Britt doorgeven.
Nadine : Dat zal ik zeker doen.
 
Britt : Kijk, daar hebben we weer een groene golf.
Sofie : Ik kan die dingen niet meer zien.
Britt : Ik denk dat de bestuurders ons ook niet meer willen zien.
Sofie : Ja, jammer dat ze niet van die stickertje op kunnen prakken die je bij de kinderpostzegels krijgt dat je niet meer hoeft aan te bellen.
Britt : Die zijn toch veelte klein.
 
Britt : Britt Michiels.
Vrouw : Politie Gent, mag ik uw papieren zien? Ja dat mag, ik ben de afgelopen twee dagen al 3 keer gecontroleerd dus het zit wel goed, maar kijk maar nog een keertje na.
Britt : Het spijt ons voor het ongemak.
Vrouw : Ja ik ken het verhaal, schiet maar op ik word er een beetje moe van.
Britt : Ik doe het niet voor mijn lol mevrouw, ik ga tegen u toch ook niet tekeer.
Vrouw : Hou me dan gewoon niet aan.
Britt : Ik had u graag laten rijden, maar het moet helaas.
 
Britt : Je zou zo’n mens toch.
Sofie : Ach, je vind het zelf ook niet leuk om steeds maar stil gehouden te worden.
Britt : Ik weet het.
Sofie : Johan komt vanavond zeker weer.
Britt : Nee, we hebben niets afgesproken, ik denk dat ik bij hem langs ga.
Sofie : loop je niet te hard van Stapel?
Britt : Jullie woonde anders al samen voor jullie een verhouding hadden.
Sofie : Dat was anders, wij deelde het appartement.
Britt : Nou, ik vind dat het wel mag, jij zij het twee maanden geleden al.
Sofie : Jullie hebben gelukkig jullie kinderen als excuus om elkaar te zien.
Britt : Het komt ook door hun, en zij willen het zelf gewoon.
Sofie : Ik zeg toch niet dat jullie de kinderen misbruiken daarvoor.
Britt : Doen we ook niet, zij misbruiken ons.
 
Nick : Kijk dat is een gave scooter.
Bruno : En dat een gave golf.
Nick : Ja die heb ik al zovaak gezien.
Bruno : Je heb de baas gehoord.
Nick : We kunnen er eentje toch wel laten gaan.
Bruno : Nee, kijk maar.
Dan zien ze dat de Golf de scooter klem rijd.
 
Raymond : Zullen we eens kijken of mevrouw al wat wild vertellen?
Pasmans : Kunnen we niet beter wachten tot we nieuws van APSD hebben op haar vingerafdrukken?
Raymond : Ik wil mijn tijd niet zitten te verdoen.
Pasmans : Oke.
 
Raymond : Mevrouw hoe heet u?
Vrouw : Dat ga ik u niet vertellen.
Raymond : U blijft aangehouden tot we weten wie u bent, eerder gaat u hier echt niet weg.
Vrouw : Dat kan u niet maken.
Raymond : Er is een hele simpele manier om hier buiten te komen en die kent u.
Vrouw : Ik ga niet vertellen wie ik ben.
Pasmans : We wachten wel tot u als vermist word opgegeven.
Vrouw : Dan wacht ik daar wel op.
 
Nadine : En heeft ze al wat gelost?
Raymond : Nee, ze wild niets vertellen.
Britt : Hebben jullie de dader?
Raymond : Nee, misschien een medeplichtige, die erg tegen werkt, we weten niet eens wie het is.
Nadine : Jullie al wat opgeschoten?
Sofie : Mensen die het zat zijn, en alleen twee jonge broekjes die bekeuringen aan het uitdelen waren bij die sporthal aan het uitdelen waren.
Nadine : Is daar wat van gezegd?
Britt : Ja, en ze zijn meteen gestopt en zouden weer op groenengolven jacht gaan.
Nadine : Laten we het maar op onwetendheid houden, maar krijg waarschijnlijk een compliment van de burgemeester.
Britt : Foutparkeerders aanpakken.
Nadine : Ja, oke mensen kunnen beter op de fiets gaan, maar als je met meerder kinderen en wat spullen moet meenemen.
Britt: Ja, het is daar allemaal nog goed te doen, het is nog veilig.
Nadine : Daarom.
 
Dan komen Nick en Bruno aangelopen met twee mannen van een jaar of 30.
Nick : Welke verhoren is vrij?
Nadine : 2 is vrij.
Bruno : Mooi, we hebben hem op heterdaad betrapt.
Britt: gelukkig, geen rondje meer rijden.
Sofie : Is het Van Lancker effect uitgewerkt?
Britt: Nee, maar ik word die sacherijnige mensen zat.
 
Nick en Bruno vertrekken met 1eman naar verhoor 2 en Sofie en Britt met de 2e man naar verhoor 3.
Gelukkig bekennen ze al snel in de hoop dat ze minder hard worden gestraft, het valt toch niet te ontkennen nu ze op heterdaad zijn betrapt.Het is dan al 2 uur wanneer ze pas met zijn allen in de Combi gaan eten.
 
Sofie : Raymond en Pasmans, ik moet jullie wat vertellen.
Pasmans : Wat?
Sofie : Nou, ik ben zwanger.
Raymond : Gefeliciteerd, hoelang?
Sofie : Al 2 maanden.
Pasmans : Heel erg gefeliciteerd.
Sofie : Dankje.
Nick : En ik dan, ik word wel de vader hoor.
Sofie : Dat ben je nu al.
Britt: Sorry, ik had je ook nog niet gefeliciteerd.
 
Wanneer ze terug op het commissariaat komen is het nog wat papierwerk te doen, Raymond en Pasmans gaan op patrouille voor de dagelijkse zaken, ze wachten wel tot morgen met die vrouw te verhoren, dan hebben ze misschien al een idee van wie het kan zijn.
 
Om halfzes gaat iedereen naar huis toe. Wanneer Britt thuis komt verkleed ze zich en stapt dan in haar auto en rijd naar het huis van Johan, maar daar staat ze voor een gesloten deur. Maar Britt is niet de enigste die voor een gesloten deur staat, ook Johan staat voor een gesloten deur. Britt gaat teleurgesteld naar haar huis. Alleen Johan doet dat niet hij hoopt dat Britt thuis komt en dat ze alleen wat later is.
Wanneer Britt de straat in rijd ziet ze ineens Johans auto staan, ze parkeert haar auto en gaat op hem af, hij loopt ook naar haar toe.
Britt: Daarom was je niet thuis?
Johan: Jij stond dus bij mij thuis toen ik hier wachten?
Britt: Ja, heb je hier lang gewacht?
Johan: Nog geen 10 minuten.
Britt: Dan ben je me net mis gereden toen ik naar jou ging.
 
Sofie : Nick, zou jij het raar vinden als ik bij DIT ga solliciteren?
Nick : Je wild echt weg?
Sofie : Voor als de kleine er is, het is veel zekerder.
Nick : Wil je het zelf eigenlijk wel?
Sofie: Ik wil niet 5 dagen in de week achter een bureau verdwijnen, zo blijf ik toch eigenlijk een deel van het politie werk doen, alleen is het minder gevaarlijk.
Nick : Maar je gaat niet echt de straat meer op.
Sofie : Ik wil dat eigenlijk voorlopig niet meer.
Nick : Als jij bij DIT wild werken heb ik daar geen problemen mee, ik zal wel zorgen dat ik me aan de regels hou.
Sofie : Dat doe je nu toch ook wel?
Nick : Natuurlijk.
 
Britt : Johan, zou Dorien voortaan bij jou kunnen blijven ’s middags?
Johan : Ja, maar heb jij ruzie met Tony dan?
Britt : Nee, maar Sofie is zwanger, en over een maand wordt Tony waarschijnlijk mijn partner.
Johan : Ik hoop het voor je.
Britt : Ik ook, want ik hecht me niet zo goed aan andere partners.
Johan : Dat Tony je dan aandurft, maar ik denk dat Dorien er geen problemen mee heeft en Simon blijft toch alleen maar bij haar in de buurt.
 
Maaike is op weg naar huis, ze heeft echt een geweldige dag gehad, het is reuze gezellig geweest. Onderweg komt haar vader weer in haar hoofd opspelen, ze wild niet naar huis, maar wat dan naar huis niet, ze wil daar niet meer na toe, haar vader zal wel weer dronken thuis zitten.
Maar naar iemand anders kan ze ook niet, dan denkt ze ineens aan het land van haar opa, die heeft een moestuin, op die moestuin staat een huisje. Dat lijkt Maaike wel een goed idee om daar naar toe te gaan. Maaike fiets Gent uit en gaat richting de tuin van haar opa.
Na bijna een uur fietsen is ze er. Maaike zet haar fiets tegen het schuurtje aan, dan gaat ze het schuurtje in, in het schuurtje licht een schouw waar ze mee naar het land kan varen. Dit is de aller eerste keer dat ze dit zelf doet, altijd doet haar opa het en het valt haar vies tegen. Maar het lukt haar, ze legt de schouw vast en gaat het land op.
Bij het huisje aangekomen komt ze voor een vervelende ontdekking. Zo als het hoort zit de deur van het huisje op slot. Ze begint te verzinnen waar de sleutel ook alweer lag, na een tijdje zoeken vindt ze de sleutel onder de vuilnisbak.
Maaike is heel erg blij dat ze binnen is, dan valt ze op de slaapbank in slaap.
 
Britt  : Goedemorgen.
Johan  : Goedemorgen, schoonheid.
Britt  : Zin in een ontbijtje?
Johan  : Ja daar heb ik wel zin in, maar eigenlijk heb ik zin in iets anders.
Britt  : Dit misschien?
Dan geeft Britt Johan een innige kus.
 
Nick  : Zit jij nu al achter de computer?
Sofie  : Ja, een sollicitatie brief schrijven.
Nick : Je gaat ons echt verlaten?
Sofie: Dat wilde ik toch, ik wil een gevaar uit de weg gaan en voor onze relatie is het denk ik ook beter. Anders zie je elkaar gewoon de hele dag, en wil eigenlijk ook wel van je genieten als je thuis komt.
 
Britt komt gehaast het commissariaat binnen.
Cara : Britt, zijn jullie met iets bezig?
Britt : Nee.
Carla : Er is hier een man en vrouw die hun dochter als vermist op willen geven.
Britt : Zullen wij wel doen.
Carla : Meneer, mevrouw u mag met deze twee dames mee.
 
Britt brengt de man en vrouw naar verhoor 1 en gaat naar het teamlokaal.
Sofie : Waarom ben jij zo laat vandaag?
Britt : De tijd uit het oog verloren, maar we hebben ouders die een dochter als vermist willen opgeven.
 
Britt : Ik ben Britt Michiels en dat is mijn collega Sofie Beeckman.
Ineke : Ik ben Ineke en dat is mijn man Gert, onze dochter Maaike is vannacht niet thuis gekomen.
Sofie : Hoe oud is Maaike?
Ineke : 18.
Britt : Wanneer heeft u haar voor het laats gezien?
Ineke : Gister, voor ze naar de sporthal ging, ze zou de hele dag wegblijven.
Sofie : Kan het zijn dat ze bij een vriendin is blijven slapen?
Ineke : Dan kan ze onderhand toch wel gebeld hebben?
Britt : Dat doen ze niet altijd, heeft uw dochter een GSM?
Ineke : Ja, maar die had ze niet mee, ze zou toch niet bereikbaar zijn.
Britt : Heeft u een recente foto van haar?
Ineke : Ja, hier.
Sofie : Weet u misschien namen of zo van met wie ze omgaat bij de gymnastiekverenging?
Ineke : Ja, ze helpt bij Valerie en ze traint bij Lucas.
Britt : Heeft u daar nog nummer van?
Ineke : Nee, misschien thuis wel.
Sofie : We zullen zo met u mee gaan.
Gert : Oke.
 
De kamer van Maaike is een nette kamer en ze vinden haar mobiel, maar die staat helaas uit. In haar agenda staan geen adressen, maar dan vindt Sofie een boekje van de gymnastiek vereniging.
Sofie : Hier staan nummer in.
Britt: Missen er kleren of zo?
Ineke: Nee, volgens mij niet, ze had gister wel het een en ander meegenomen wat ze nodig had.
Britt : Zou er een rede zijn waarom ze weg zou lopen?
Ineke : Ik zo het niet weten.
Sofie : We zullen met die twee trainers gaan praten.
 
Britt : Goede morgen, Britt Michiels, Sofie Beeckman, Politie Gent, bent u Valerie?
Valerie : Ja waarom?
Britt : Maaike die helpt toch bij u?
Valerie : Ja, maar waarom?
Sofie : Ze is vannacht niet thuis gekomen.
Valerie : O, is er wat met haar gebeurd?
Britt : Dat weten we niet, maar heeftgister niets aan haar gemerkt?
Valerie : Nee, maar ik was behoorlijk zenuwachtig en Maaike was ook van hot naar her aan het rennen om iedereen op tijd klaar te hebben.
Britt : Hoe laat is ze weg gegaan?
Valerie : Dat zal ik niet weten, ik ben om drie uur al weg gegaan omdat ik een verjaardag had, maar ik denk dat u beter bij Lucas kunt vragen ze zit bij hem in de groep en ze moesten aan het einde.
Britt : Daar wilde we ook mee gaan praten.
Valerie : Krijg ik nog wat te horen als ze terecht is?
Britt : We zullen vragen of ze wild bellen.
Valerie : Oke, als ik wat weet zal ik wel wat van me laten horen.
Britt : dat zal fijn zijn.
 
Raymond : Meneer wat was er gestolen?
Arnold : Mijn schouw, een soort boot.
Pasmans : die zijn toch heel zwaar?
Arnold : Ja daarom en de boer heeft niets gehoord.
Frank : Arnold, waarom drijft jou schouw zomaar rond?
Arnold : Waar licht hij?
Frank : Bij jou land, hoe kom je hier eigenlijk?
Arnold : Ik ben nog niet geweest, ik ben mijn schouw kwijt.
Frank : Er is ook iemand in je huisje.
Raymond : Zou u ons kunnen brengen?
Frank : Stap maar in.
 
Britt : Goede morgen, Britt Michiels, Sofie Beeckman, Politie Gent, bent u Lucas?
Lucas : Ja, dat ben ik.
Britt : Het klopt dat Maaike bij u traint?
Lucas : Ja, waarom?
Britt : Maaike is vannacht niet thuis gekomen.
Lucas : O.
Sofie : Heeft u gister nog wat vreemds gemerkt?
Lucas : Nee, ze was zoals ze normaal was, wat drukker maar dat is iedereen op een dag als gister.
Sofie : Heeft ze nog gezegd waar ze heen ging toen ze weg ging?
Lucas : Naar huis.
Britt : Weet u misschien met wie ze nog meer omgaat?
Lucas : Ik zal even mijn lijst pakken, dan kan u ze bellen.
Britt : Dat is goed.
 
Raymond en Pasmans stappen uit de schouw en gaan het land op, ze lopen naar het huisje wat er op staat, daar zien ze een meisje lopen. Dan gaan Raymond en Pasmans naar binnen.
Raymond : Politie Gent.
Het meisje draait zich geschrokken om. Dan komt Arnold binnen.
Arnold : Maaike, wat doe jij hier?
Pasmans : U kent haar?
Arnold : Het is mijn kleindochter.
Maaike : Ik hou het thuis niet meer uit.
Raymond : Misschien is het beter dat je mee komt naar het commissariaat.
Maaike knikt.
 
Britt : Pasmans!
Pasmans : Ja Britt?
Britt : Wie is dat meisje?
Pasmans : Een Meisje die had ingebroken in het huisje op het land van haar opa, ze wild niet meer naar huis.
Sofie : Heet ze Maaike?
Pasmans : Ja.
Britt : Wij zoeken haar, haar ouders hebben haar als vermist opgegeven.
Pasmans : Dat is goed.
 
Nadine : Raymond en Pasmans, er is een uitslag van APSD van die vrouw.
Pasmans : Eindelijk.
Raymond : Ontsnapt uit een TBS kliniek.
Pasmans : Tijdens een proef verlof.
Raymond : Maar terug brengen lijkt mij.
 
Britt : Maaike, je ouder hebben je als vermist opgegeven, zou je kunnen vertellen waarom je niet naar huis bent gegaan?
Maaike : Ik hou het daar niet meer uit, me moeder ze doet niets, mijn vader drinkt en schelt alleen maar, ik kan het niet meer aan, ik hou het gewoon niet meer vol.
Sofie : Heb je er wel eens met iemand over gepraat?
Maaike : Nee.
Britt : We kunnen je in contact stellen met iemand van Maatschappelijk werk. Daar kan je mee praten, ze kan je dan ook verder helpen, en misschien zelfs je vader van zijn probleem helpen.
Maaike : Maar wat zeg ik tegen mijn ouders?
Britt : De waarheid, misschien gaat je vader wel nadenken.
Maaike : Ik durf het niet.
Britt : Daar kan iemand bij zijn, het is misschien handig dat die van Maatschappelijk werk dan kan ze gelijk helpen.
Maaike : Oke.
 
Sofie : Britt, wat zal jij er van vinden als ik bij DIT ga werken.
Britt : Goed, als je me maar niet onderuit gaat halen. (glimlachend)
Sofie : Ik heb gesolliciteerd.
Britt : Ik hoop dat je aangenomen wordt.
Sofie : Ik ook, dan blijf ik toch nog een beetje flik.
Britt : En als je het zat word, kom je gewoon terug naar de lokalen.
 
Einde
 
Geschreven door flikken10
 
 

Vorige ] Omhoog ] Volgende ]