57
Hey…,
‘Djembé, kom mij eens kroelen…’ Ik klopte een paar keer naast mij op bed. ‘Kom maar, ’t is goed. ’t Moet toch nog afgehaald worden.’ Nog enigszins wantrouwig kwam hij naast mij op bed zitten. Ik kroop helemaal tegen hem aan. ‘Sorry zenne, ik heb even nood aan een schouder…’ Na een tijdje merkte ik dat hij weg wilde. ‘Ga maar, mama zal al wel eten hebben klaar staan…’ Ik heb mijn laptop dan maar even aangezet. Niemand online… Dan maar zo.
Het was dus rapportdag. Ik was er al de hele week misselijk van, maar vanochtend kon ik nauwelijks uit mijn bed komen, en ook de rest van de poging mij klaar te maken ging traag. Uiteindelijk kwam ik zelfs door mij te haasten bijna een kwartier te laat op school aan. Ik mocht mij gaan melden, en ineens een paar uur strafcorvee gaan inplannen.
Vlak na de pauze begon ik mij ziek te voelen. Hoofdpijn, buikpijn, misselijk… En de hele tijd het gevoel alsof ik moest overgeven… Ik bedacht me dat ’t misschien kwam door de kippensoep van ons ma, maar vlak daarna realiseerde ik mij dat we kippensoep sinds de vorige keer uit ons huis weren…
Het vijfde uur kwam Vandelaer aanzetten met een stapel enveloppen. ‘Ik deel ze nu uit, mits jullie ze binnen vijf minuten in de tas hebben gestopt én alle spullen op tafel liggen.’ Wij knikten braaf, niemand wilde nog wachten om zijn rapport te zien. ‘Vincent Cornet…, Laura Debruijn…’ Nu was ’t aan mij. ‘Dorien De Bondt…’ Vandelaer gooide de envelop bijna op mijn tafeltje, maar ik kon nog net voorkomen dat ‘ie op de grond zou vallen.
Minstens twee minuten heb ik naar de envelop zitten staren, eigenlijk tot Vandelaer zei dat we stilaan onze spullen moesten beginnen pakken. Snel heb ik de envelop opengerukt en even snel mijn cijfers bekeken. Ik werd er niet echt vrolijk van. In de pauze heb ik dan mijn rekenmachine erbij genomen om het precieze gemiddelde van alles uit te rekenen.
Zucht.
Zevenenvijftig procent.
Kak.
Mama was laaiend.
Dorien.
(©June, 28/09/07)
|